Een ander hoeft mijn keuzes niet te begrijpen. Echt niet. Want wanneer ik zelf achter mijn keuze sta, en ik die tegenover God kan verantwoorden, maakt het niet uit wat anderen ervan vinden.
Als je me een beetje kent, zul je begrijpen dat ik dit een tijdje terug nog niet zo had kunnen schrijven. Maar misschien ook niet. Want in theorie wist ik wel hoe het hoort. Of mensen me nu waarderen, loven, of afkraken: wie ik ben is daar niet afhankelijk van. Een verhaal dat ik al jaren vertel.
Next level: ‘Groeien doet pijn’
Het werd hoog tijd voor de volgende stap in vrijheid. Meestal leer je dit soort essentiële lessen op de momenten dat je zelf vastloopt. ‘Groeien doet pijn’ zei een goede vriendin toen we onder andere hierover spraken. En dat klopt maar al te goed. Je zou het kunnen vergelijken met een wijnrank. Dat is de manier waarop het in de Bijbel wordt uitgelegd. Als je meer vrucht wilt dragen, effectiever wilt zijn in het vervullen van je taken, zal er eerst gesnoeid moeten worden. Jezus vergelijkt zichzelf met de wijnstok. “Iedere rank aan mij die geen vrucht draagt snijdt hij weg, en iedere rank die wel vrucht draagt snoeit hij bij, opdat hij meer vruchten draagt.” Als je dit voorbeeld beter wilt begrijpen, moet je er maar eens op googelen.
Voldoen aan verwachtingen
Het patroon dat bij mij gesnoeid moest worden, was dat ik graag wilde voldoen aan verwachtingen. Die van anderen, maar ook die van mezelf. Misschien die laatste wel vooral. Want het zou me toch op zijn minst moeten lukken om een goed scriptie te schrijven in de daarvoor gestelde tijd. Iedereen is tenslotte van me gewend dat ik alles op tijd afrond, dat ik studeer volgens de daarvoor geldende maatstaven. En bij anderen heb ik ook al de verwachting gewekt dat ik in het najaar weer tijd voor hun projecten zou hebben. En de competenties heb ik toch in huis? Ideeën voor al die projecten heb ik genoeg.
Tijd als grens
Ideeën genoeg dus. Maar waarom wil ik die eigenlijk ten uitvoer brengen? Nou, dat was niet zo moeilijk: ik geloof in mijn ideeën. Maar dat die ideeën nooit in korte tijd gerealiseerd konden worden was ook wel duidelijk. Wat doe je dan? Tja, dat noemt men prioriteiten stellen. Maar ik weet niet hoe het jou vergaat, maar ‘dooddoener’ is bij mij het eerste woord dat opkomt wanneer ik het woord ‘prioriteiten’ hoor. Waarom eigenlijk?
Ik wil begrepen worden
Prioriteiten stellen betekent dat ik mensen teleur moet stellen. Dat ik niet meer voldoe aan hun verwachtingen. Verwachtingen die ik zelf misschien wel heb gewekt. Maar ja, als het niet kan, kan het niet. Zover was ik inmiddels al wel. En als je dan de moeilijke keus hebt gemaakt om iets af te zeggen of uit te stellen, dan hoop je op zijn minst op begrip. Ik wil dat de ander mijn keuzes begrijpt, aanmoedigt. Of dat nu om prioriteiten gaat of mijn woordkeuze. Dat begrepen willen worden hield me gevangen. Want het zorgde ervoor dat ik eerst uitgebreid mijn keuzes moest uitleggen. Tja, dat kost soms net zo veel tijd als het voldoen aan de bepaalde verwachting zelf. Gevolg: ik kwam er niet uit.
Hoe doet God dat eigenlijk?
Wijsheid van God had ik nodig. Hij kan mijn patronen doorbreken. Mensen kunnen daar een bijdrage aan leveren, maar Zijn woord gaf de doorslag. Ik vertelde aan God dat ik het zo moeilijk vind om niet alles te geven wat ik kan. En Hij gaf antwoord: “Wat dacht je van mij?” O ja, dat is waar ook. God heeft veel meer in zich dan Hij laat zien of voelen. God kan zoveel meer. Hij maakt zijn keuzes om niet alles te doen wat wij van Hem verwachten. Hoeft Hij zich te verantwoorden? Nee, want Hij is God.
Maar hé, als ik in Hem ben, hoef ik dat dus ook niet. Als ik mijn keuzes weloverwogen maak – voor zover dat lukt in overeenstemming met God – ben ik niet afhankelijk van het begrip van anderen voor die keuzes. Als Hij me maar snapt, is het prima. En dat doet Hij. Want God kent mij door en door, beter dan ik mijzelf ken. Dat blijkt maar weer.
Wat een vrijheid.

Nu, wat is een betere manier om dat uit te zoeken, dan een poging wagen om het een weekje zonder te doen. Even een pauze. Dat daar reden toe is, zegt natuurlijk al genoeg. Want eigenlijk wist ik ook wel dat het niet gezond is om, zelfs als ik al op bed lig, toch voortdurend te checken of er iets nieuws is. Op zoek naar die ene prikkel waar ik enthousiast over in slaap kan vallen. Het maakte me onrustig. Tenminste… Het nam mijn onrust in ieder geval niet weg. Daar zijn betere methoden voor. (Neem de Bijbel bijvoorbeeld, Matteüs 11:28-30).
Ik snap het namelijk niet. Want waarom verlang ik zo sterk om op allerlei gebieden effectief te zijn en kwaliteit te leveren? Zo sterk, dat als ik al die verlangens serieus neem, ik voor jaren werk heb. Waarom verlang ik meer dan mogelijk is? Welk doel wordt daarmee gediend?